OP HET PODIUM MET NIET-AANGEBOREN HERSENLETSEL

Schrijfsels over NAH

  • Blog

Twee keer per jaar loop ik er tegenaan. Ik heb er last van en moet een week bijkomen of eraan wennen. Elke keer neem ik me voor om het de volgende keer anders aan te pakken en me beter voor te bereiden. Helaas vergeet ik het net zo vaak of ik ben te laat om er mee te beginnen, met een soort jetlag-gevoel als gevolg.

Ik heb het niet over tegen de lamp lopen, maar over het verzetten van de klok. Niet de klok zelf – daar zou ik wat hulp bij kunnen gebruiken – nee, de tijd.

Oké, ik weet dat in het VOORjaar de tijd een uur VOORuit gezet wordt en in het najaar weer een uur terug. Dát ezelsbruggetje is handig.

Elke keer als de tijd een uur vooruit óf achteruit gezet moet worden, ben ik minimaal een week ontregeld. Dan neem ik me voor om de volgende keer voordat de tijd verzet wordt, elke dag een ongeveer een kwartiertje eerder of later te eten, slapen, opstaan enzovoorts. Ineens is het de dag dat de tijd aangepast gaan worden naar zomer- of wintertijd. Oh jee! Vergeten! De volgende keer dan?

Natuurlijk zoek ik het op en lees: “Vooral kinderen, ouderen en avondmensen hebben hier last van.” En omdat we in de zomer eerder opstaan, is het ook langer licht en dan kunnen er slaapproblemen ontstaan waardoor de arbeidsproductiviteit verlaagt. Er zijn veel landen die een systeem van zomer- en wintertijd hebben, met uitzondering van…

Nogal wat. Dan begint mijn brein op volle toeren te draaien. Hoe zit het dan met de tijdzones en wat als je gaat vliegen? Sssstop, niet doen en laat los!

Nou zeg, ik word al moe van de uitleg en mijn arbeidsproductiviteit kan niet meer lager.

Als ik het niet vergeet pak ik het heel misschien de volgende keer anders aan om er minder last van te hebben. Anders draai ik me nog een keer om en kijk wel wanneer ik een beetje gewend ben aan de tijdsverandering. Ik geef mezelf er lekker de tijd voor. Ik denk een uurtje per dag of zo.

Lieve groet
Spoed-nix