OP HET PODIUM MET NIET-AANGEBOREN HERSENLETSEL

Schrijfsels over NAH

  • Blog

Ik woon in Harlingen, een mooi oud stadje om te zoenen. En nu is er de SAIL, het is druk en alles gaat anders. Je kan niet overal komen met je hulpmiddelen. Dus is het zoeken naar oplossingen. Want ik wil natuurlijk naar die SAIL, ik wil het meemaken!

De fiets mag op het MIVA terrein, dat is het terrein voor de mindervaliden. Daar staat hij veilig. Het volgende obstakel moet genomen worden: een pad naar boven. Ik loop voorop, zoekend naar waar ik mijn voeten en mijn wandelstok zet. Word ingehaald door allerlei mensen. Ik hoop dat ze niet tegen mijn stok komen, anders raak ik uit balans. Mijn man loopt achter mij om dit te voorkomen.

Dan de pier op, de massa is meer en meer. Op een bepaald moment vind ik een plekje. Ik kan staan tegen de kademuur die ongeveer de hoogte heeft van de onderkant van mijn borst. Ik denk en denk... want ik wil op de kademuur zitten. Hup hup, mijn man denkt 'wat doet ze nou weer', dat denkt hij wel vaker. Hij merkt dat ik op die kademuur wil en biedt zijn handen aan als opstapje, maar dat wil ik weer niet... ik ben niet de slankste en zijn rug is daar niet op berekend. Dus hij geeft het op.

Zelf blijf ik nadenken, want ik zal hoe dan ook op die muur komen. Ik ga een beetje van mijn man af staan zodat hij niet ziet wat ik ga uitvreten... Immers hij is beschermend. Wel lief, maar in dit geval wil ik het op mijn manier doen. En het lukt me! Ik kan namelijk mijn ene been heel hoog doen. Ik omklem de kademuur en na wat gespartel lig ik erop als een walvis op het droge, op de muur. Ik kijk even naar mijn partner. Gelukkig blijft hij kijken naar de boten... zodat ik rustig rechtop kan zitten en langzaam naar hem toe schuif. Ik zie hem denken 'even niets zeggen, nu heb ik meer oog voor de boten'. Wat is het mooi!

Eraf kost mij nog meer moeite. In gedachten zie ik allerlei rampen voorbij komen. Om te berekenen hoe ik er af moet, peil ik met mijn stok ruim 70 cm... durf ik dit? Ik zeg weer niets, ga op mijn manier naar beneden. En het lukt. Ben heel trots op mezelf. Maar wel doodmoe, in de middag lig ik vier uur te slapen... en ik droom over de grote sprong die ik gemaakt heb.